Dit jaar, 2013, wordt gezien als een “tussenjaar” wat
betreft de sport. Er zijn geen Olympische zomerspelen, winterspelen of
Paralympics en er is geen EK of WK.
Met dit laatste bedoelt men in de volksmond de EK en WK
voetbal, want geen enkele andere sport is relevant voor voetballiefhebbers.
Sterker nog: niets anders is relevant in het leven van de gemiddelde
voetballiefhebber. Ik roep dan ook al jaren dat echte muziekliefhebbers niet
van voetbal kunnen houden, want als ze echte luisteraars zijn, hebben ze
helemaal geen tijd voor dat onzinnige spel. Natuurlijk is dit provocerend
bedoeld en geniet ik er van als er weer eens een verstokte Bob Dylan-fan begint
te zeuren dat het allemaal niet waar is en dat hij (het is nooit een vrouw die
protesteert) toch echt van beiden (muziek van Bob Dylan en voetbal) houdt.
Tja, dat is, excuus voor de woordspeling, voor mij een mooie
voorzet, want ik ben nu eenmaal geen fan van Bob Dylan. Flauw, ik weet het.
Maar laten we even objectief kijken: hoeveel
topvoetballers zijn goeie muzikanten? Ik zou het eigenlijk niet weten, want ik
ben na Simon Tahamata gestopt met het volgen van de namen van voetballers. Ik
schat echter in dat het er nooit veel kunnen zijn, want als je enigszins
bevlogen bent als sporter doe je je hele jeugd niks anders en ben je al
helemaal niet bezig met (in eerste instantie) hobby’s op hoog niveau. Andersom
trouwens ook niet. Hoewel: ja dus, er zijn uitzonderingen. Van zowel Julio
Iglesias als Bob Marley is bekend dat ze in eerste instantie zodanige talenten
waren dat ze, indien beiden niet geblesseerd waren geraakt, waarschijnlijk op
professioneel niveau hadden kunnen meedraaien in de edele sport. Gelukkig zijn
ze dus ergens verrot geschopt anders had met name de reggaemuziek het een stuk
minder ver gebracht.
Verder schijnt ook Rod Stewart in zijn zeer jonge jaren
aardige balletjes te hebben getrapt, dit werd echter rap minder, want de man
rookte, dronk en snoof nogal wat. Het mag wat dat betreft een wonder heten dat
hij ons nog steeds verrast met zijn gedurfde American Songbook-albums, want hij
heeft er genoeg aan gedaan om zijn lijf onsportief af te matten.
Ook Elton John schijnt een groot liefhebber te zijn, evenals
Brian May. En natuurlijk zijn er legio bands die voetballiederen hebben
gemaakt. In Nederland waren dat vaak grootheden als Vader Abraham en Hans
Kraaij junior. Afgelopen zomer werd er door Meindert Talma zelfs een heel album
aan de sport gewijd op het Excelsior-label (om maar eens met voetbalnamen te
smijten). Op dit album, Eenmaal Oranje genaamd, werden diverse internationals
geëerd door hun verhalen te vertellen. Soms waren deze verrassend, zoals in het
geval van ene Bert van Marwijk die in 1978 wereldkampioen bleek te zijn
geworden. Ja, OK, het was met klaverjassen, maar hij had zijn best gedaan toen.
Overigens kwam een maand later het album “Sporthuis
Hubertus” uit op hetzelfde label, waarop het mooie wielrijden in al zijn
facetten werd bezongen door vele Nederlandse artiesten waaronder Freek de Jonge
en Guus Meeuwis. Diezelfde Freek de Jonge die eind jaren 90 een hit had met het
fantastische “Leven na de dood”, waar
ook in gerefereerd werd aan de kapitale misser van Seedorf op “het” WK van 1998.
Een nummer trouwens dat gecomponeerd werd door Bob Dylan….
Tja…en daarmee is de bal dus rond…dus wil ik bij deze de
afspraak maken: als ik nou stop met zeuren over voetbal, wil iedereen dan
stoppen met muzikanten in voetbalstadia neer te zetten? Want dat kan qua geluid
dus ECHT niet!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten