woensdag 17 juli 2013

HET LUIKJE





Ieder mens heeft zijn of haar eigen verhaal. Zelfs veel dingen die ons omringen hebben een verhaal. En al die verhalen bewegen zich, als in een onzichtbare dimensie, om ons heen, wachtend tot iemand ze uit de lucht plukt en openbaar maakt.

Soms kost dat een hoop moeite, drijft een verhaal jarenlang rond zonder dat iemand zich er om bekommert. Soms ligt het ook voor het grijpen, vlak onder de oppervlakte.

Jaren geleden fietste ik dagelijks van Amsterdam-Centrum naar Hoofddorp op en neer, 25 kilometer vice versa. Hierbij kwam ik dwars door Badhoevedorp, net als alle andere dorpen in de Haarlemmermeer een onooglijk gat met slechts één platenzaak.
Halverwege het dorp stond aan de doorgaande weg een klein, door klimop verzwolgen, huisje met een hoge onregelmatige heg ervoor. Echt zo’n oude-mensen-huisje, waar je binnen ongetwijfeld de jaren kon voelen en ruiken, kerstkaarten opgestapeld lagen in een hoek en amechtige sanseveria’s hun éénvingerige bladen trachtten overeind te houden in hun stille dans met te weinig vocht en teveel zonlicht.
Voor dat huisje zat dagelijks op een fragiel bankje een al even fragiel echtpaar, hoge tachtigers naar hun jaarringen te oordelen. Ze leken weggeplukt uit een tijd dat de melkboer ’s ochtends nog zijn paard stilhield om een praatje te maken, het opgemaakte buurmeisje ’s middags nog uit de paardentram stapte vanuit haar dienstje in de grote stad en Ot en Sien nog hoepelend de stoepen onveilig maakten. Ik kon me tenminste niet voorstellen dat hun ogen het asfalt bespeurden dat voor hun neus was neergedaald, de te grote auto’s die af en aan reden en al zeker niet zagen ze de zelfbenoemde stadswielrenner die dagelijks de rit tegen de bus won.
Op een dag zat er nog slechts één, ik wist niet of het de man of de vrouw was, de schok was me te hevig. En kort erop geen één meer. Het huisje werd afgebroken en verhalen waren afgesloten.

Tijden later een ander verhaal, zeer indringend en aangrijpend dit keer, een rouwadvertentie die een Joodse vrouw die bijna 90 was geworden voor zichzelf in de krant had gezet. De exacte tekst weet ik niet meer maar de strekking was:
“Met mij zijn nu eindelijk jullie stemmen gedoofd, lieve pap en mam, we hebben elkaar bijna 20 jaar gekend voor iedereen die ze ooit gehoord had door moordenaarshand is omgekomen. Ik heb jullie echter mijn hele leven bij me gedragen en nu wens ik jullie met mij je rust toe.”

Ik moet zeggen dat deze laatste indringende boodschap me meer deed dan menig Dodenherdenking. Anderzijds werd ik getroffen door de schoonheid van het verhaal. De gehele gruwel van de Tweede Wereldoorlog gevat in 2 zinnen…

Tot slot een stuk dat ik enige jaren geleden las in een plaatselijk blad. Het was geschreven door een Engelse dame die klaarblijkelijk jarenlang met haar man samen in Monnickendam had vertoefd gedurende de zomer. Inmiddels was ze op hoge leeftijd, haar man was overleden, maar ze liet ons, Monnickendammers, weten wat een gelukkige tijd ze bij ons had doorgebracht en dankte ons, mede namens haar man, heel hartelijk voor de fijne jaren die ze bij ons mochten beleven.

Zomaar…drie verhalen, drie mensen. Opgeslagen achter een luikje in mijn hoofd, wachtend om losgelaten te worden.

Ik hoop dat wat zich achter dit luikje bevindt, nog lang intact mag blijven, het zou zo zonde zijn van die verhalen….

Geen opmerkingen:

Een reactie posten