donderdag 23 augustus 2012

OP EENZAME HOOGTE




Wat bezielt mannen toch om steeds maar zo hoog mogelijk te willen vertoeven?

Misschien een rare vraag om te stellen, hier in het westen van Nederland, een deel van het land dat structureel onder het zeeniveau ligt en nog hartstikke plat is ook. Maar ga maar na: Ook in de popmuziek is vaak sprake van mensen die bovenop een heuvel, een berg of zelfs “on top of everywhere” (ELO-Eldorado) zitten. En het zijn bovendien altijd mannen, ook in de literatuur. Altijd gaat zo’n vent ergens hoog zitten om zich vervolgens jarenlang te verpozen met diepzinnige filosofische overpeinzingen. En als al dat gedenk tot een goed einde is gebracht, brengt de man in kwestie het zelfs soms tot “de wijze van de top”. Onder sommige mannen een ultieme droomvervulling van hun levensdoel.
 Vrouwen mogen zich ook wel afzonderen van de mensheid, maar dit is dan niet ter diepere beschouwing, nee, dat is dan om als vraagbaak te dienen waar het om gezondheidszorg en kruidenkennis gaat.  Het is dus duidelijk: de emancipatie is nog altijd aan het kluizenaarsschap voorbij gegaan.
Dit fenomeen is trouwens ook goed terug te zien in diverse videoclips en op platenhoezen. Juist tijdens momenten dat de muziek epische vormen aanneemt hebben de heren nog wel eens de neiging om met hun armen wijd bovenop een klif te gaan staan. The Simple Minds hadden hier nog wel eens een handje van en zo zijn er wel meer voorbeelden te bedenken. Naar mijn idee een stukje aanstellerigheid ten top, om het maar eens toepasselijk te zeggen…

Hoewel??? Ik herinner me een najaar in 1994 toen ik een weekje op Madeira rondliep, ooit nog eens bezongen door Eddy Christiani, maar dat was geen filosoof. Hoe dan ook: op een bepaald moment besloten we een wandeling te maken vanaf de Pico Ruivo, het hoogste punt van het eiland, een uitgedoofde vulkaan van een kleine 1900 meter hoog. En omdat Madeira natuurlijk rechtstreeks uit zee oprijst was deze 1900 meter ook echt zo hoog, in tegenstelling tot sommige bergen in Oostenrijk, die al vanuit een dal van 1300 meter stijgen. Het was overduidelijk een vulkaan die niet verschrikkelijk lang geleden nog van zich had laten horen, de begroeiing was nagenoeg niet aanwezig, maar de zwarte basalt des te meer. We liepen over een smal pad, hier en daar afgebrokkeld langs dieptes die me niet gastvrij voorkwamen.  Uiteindelijk kwamen we op een punt waar het pad over een bergkam ging en van daaruit  enkele kilometers voortging, bovenop de bergrug. En ja, ik moet zeggen, het gevoel dat toen over me kwam was een onverklaarbaar gevoel van macht. Links en rechts van me lag het eiland en ik was hier, min of meer alleen, “on top of the World”, de wereld die ik als het ware onder mij door zag draaien.
Uiteindelijk ging de illusie voorbij en stapte ik drie kwartier later in de taxi die we aan het einde besteld hadden, maar het gevoel bevreemdde mij. Wat maakt het toch zo aantrekkelijk om op zo grote hoogte te verblijven??? Ik kom er niet uit, vrees dat er maar één ding op zit: de bergen intrekken met een rugzak en daar blijven tot ik dit raadsel ontward heb.

Alleen ben ik in mijn geval bang dat men mij niet zal zien als ‘de wijze van de top’, maar eerder als “The Fool on the Hill”….

Geen opmerkingen:

Een reactie posten