Enige tijd terug vroeg ik mij op deze plaats af of er in
mijn familie gezongen werd rond 1920. Dit in verband met een stukje over de
jeugd van mijn oma in Broek in Waterland.
Welnu, enkele weken terug nam het lot een wel heel aparte
wending en kreeg ik vanuit een zeer ver verleden ineens antwoord op deze vraag.
Een oom van mij overleed, iets te jong, 68 jaar, doch het
was dan ook zijn levenswerk geweest om zijn longen te asfalteren, dus heel
vreemd was het niet. Het huis waarin hij gewoond had was zijn ouderlijk huis
geweest, het huis van mijn grootouders dus. Nu wil het geval dat zowel mijn oma
als deze oom mensen waren die vrijwel niets weggooiden en dus zat de naaste
familie met een huis vol met al dan niet dierbare herinneringen en een hele
hoop onbestemde rotzooi.
Vol goede moed togen enige familieleden naar bedoeld pand
teneinde de boel een beetje schoon te houden en alvast te inventariseren wat er
zoal aanwezig was. Veel van geldelijke waarde was er eigenlijk niet, maar
vanuit een oud kastje in de keuken kwam wel iets tevoorschijn dat voor ons als
familie zeer waardevol bleek.
Het was een schriftje, een oud schoolschriftje met daarin
een mooi, sierlijk handschrift. Ach, wat leuk, dat was vermoedelijk een oud
schrift van mijn oma. Alleen herinnerde ik me niet dat zij zo’n mooi handschrift
had. Maar, misschien, toen zij jong was……
Al bladerend viel sowieso op dat het schriftje nog in
goeie staat was, de kaft was weliswaar weg, maar het had blijkbaar heel lang
ergens goed afgesloten gelegen. Hierdoor was erg goed te lezen waar alles over
ging. Het bleek voor een groot deel gevuld met gedichten, nee, liederen, naar
later bleek. Allerlei soorten, maar veelal met een socialistische inslag,
hoewel er vreemd genoeg ook een paar geestelijke liederen in stonden. Begin
vorige eeuw, toen de verzuiling nog hoogtij vierde, beten die elkaar toch???
Nou, viel blijkbaar mee…..
Vervolgens viel mijn oog op een aantal nummertjes die
rond de teksten geschreven waren, en kreeg ik sterk het vermoeden een soort
notenschrift te lezen. En tenslotte zag ik linksboven aan het begin van ieder
lied het woord “tenor”.
Juist….dit was dus geen schrift van mijn oma, misschien
van…..ik sloeg nog een bladzijde om en mijn oog viel op een jaartal: 1903. Nog
een bladzijde verder stond ineens een heel stuk dat….tja….een troonrede leek
van Wilhelmina! Sterker, het leek erg op een inauguratie rede! Ze verwees
daarin naar de dood van haar vader, Willem III en haar jonge leeftijd, 18 jaar.
Dat was dus 1898! Dit schrift was dus niet van mijn
grootmoeder, maar van: Pieter Jong, zo stond op de volgende bladzij. En ook:
Sjouke de Vries. Geboren in respectievelijk april 1877 en december 1876. En
blijkbaar in 1903 nog niet getrouwd want zij werd vermeld onder haar
meisjesnaam.
Dit waren mijn overgrootvader en overgrootmoeder, beiden
al heel lang dood, maar hier nog midden in hun leven. Ze lazen gedichten van
Koos Speenhof over de Boerenoorlog, ze speelden toneel (Assepoester) en Pieter
zong dus de tenorenpartij bij de plaatselijke zangvereniging, van mild
socialistische snit, want ook enigszins godsdienstig aangelegd.
Bovendien waren beiden, als goed socialisten, lid van de
blauwe knoop en dronken dus geen druppel alcohol, zo lazen we op een bladzijde.
Kortom: waar je in een genealogie slechts data
voorgeschoteld krijgt, kwamen hier ineens 2 mensen tot leven en kreeg het
verleden ineens een klank die al heel lang verstomd was geweest.
En dat noem ik nou van onschatbare waarde!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten