Mensen die dit stukje vaker lezen moeten wel denken dat
ik mijn dagen vul met rondhangen in mijn tuin of op andere lommerrijke
plaatsen. Vaak ondersteund door een kop koffie en met wat muziek op de
achtergrond. Een ideaalbeeld dat zo in een reclamespotje kan. Op dit moment is
dat overigens toevallig zo, ik bevind mij op het terras van een vakantiehuisje,
terwijl Flairck de achtergrond inkleurt met mooie strijkorkestjes.
Maar natuurlijk is dit slechts het resultaat van noeste
arbeid, gedurende welke ik normaliter niet toekom aan het produceren van enige
lectuur. Ofwel: het is puur een vrijetijdsding, dat schrijven van me. Bovendien
bezit ik normaal gesproken veel minder de ontspanning die nodig is om soms wat
voor me uit te filosoferen. Nu dus wel.
Het valt mij iedere keer weer op hoezeer de mens een
kuddedier is. Slechts weinigen hebben
een eigen mening, hangen hun oren naar hun echtgenoten, vrienden, politieke
partijen of geloofsgemeenschappen. Het
vreemde is echter dat, hoe meer men hetzelfde denkt als de omgeving, ofwel: hoe
meer men deel uitmaakt van een “groep”, des te meer ontleent men zijn of haar
identiteit aan deze mening en doet het voorkomen alsof men beter is dan anderen
en voelt zich sowieso veel meer een individu. Over paradoxen gesproken…
Overigens is dit, dit misplaatste superioriteitsgevoel
dus, juist de oorzaak van vele menselijke conflicten en oorlogen. Dit ligt echt
niet alleen aan enige religie, zoals sommigen ons willen doen voorkomen, het
zit gewoon ingebakken in de menselijke natuur.
Het mooiste voorbeeld hiervan kreeg ik zo’n kleine 30
jaar geleden mee door een discussie met mijn 3 jaar jongere zusje. Zij zat
destijds op de middelbare school en liet zich er op voorstaan zéér alternatief
te zijn! Zodanig zelfs dat zij en haar
vrienden en vriendinnen zich nooit en te nimmer zouden conformeren aan de heersende
modes en al helemaal niet aan de heersende muzieksmaak! Nee, zij én haar
vrienden waren echt verheven boven al dat gepeupel dat allemaal hetzelfde
dacht, droeg en luisterde. Mijn argument dat ook zij hierdoor deel uitmaakte
van een groep die er hetzelfde over dacht kwam totaal niet aan. Of ze wilde er
niet aan, puber als ze was in die dagen, daar ben ik nog steeds niet uit.
Hetzelfde zie ik bij veel muziekliefhebbers: ik ken een
aantal overtuigde metalliefhebbers die ook echt naar niets anders willen luisteren,
een paar Toppers-liefhebbers, maar die schaar ik bij voorkeur niet onder
muziekliefhebbers, een paar jazzfanatici die beweren dat er in “echte” jazz
niet gezongen hoort te worden en een paar mensen die blijven vasthouden aan hun
voorkeur voor “ernstige”muziek, voorheen ook wel klassiek genoemd. Frappant is trouwens dat laatstgenoemden vaak
blijven hangen in componisten van vóór 1920, Philip Glass of Steve Reich zijn
geheel aan hen voorbij gegaan en in die zin worden ook zij meer geleid door hun
smaak dan door de kunst, in tegenstelling tot wat sommigen beweren.
En ikzelf?? Ik ben een omnivoor. Houd mezelf voor dat ik
niet aan enige politieke groepering hang, zweef dus al jaren als kiezer en qua
religie vind ik ook dat de meesten zeer ten onrechte beweren het enige ware
geloof aan te hangen. Dit laatste is wat mij betreft zelfs grote onzin. En op
muzikaal gebied heb ik gewoon altijd gelijk, net als al mijn muziekvrienden…
Geen opmerkingen:
Een reactie posten