zaterdag 27 oktober 2012

AKOESTIEK EN WINDMOLENS





Kent u Luka Bloom? De kans is aanwezig, daar hij bekend is bij een redelijk aantal muziekliefhebbers. Zijn fans noemen hem liefkozend “een bard”,”een troubadour” en dat soort romantische termen.

Dodelijk eigenlijk, want vele jaren geleden kreeg Armand dezelfde kwalificaties naar zijn hoofd geslingerd. Hij treedt nog steeds op bij diverse gelegenheden, maar al 45 jaar niet meer in het zicht van het grote publiek. Hijzelf vindt dat ook jammer, want hij heeft nog altijd zeer maatschappijkritische teksten die hij graag aan de hele wereld zou willen laten horen.

Overigens is Luka Bloom van een geheel andere orde: iets minder maatschappij kritisch, maar werkelijk een virtuoos met woorden. Op zijn laatste album  “This New Morning”  staat het nummer “The Ride”, een vrij eenvoudig nummer over een fietstocht door zijn geliefde Ierland. En iets wat mij normaal nooit overkomt: de tekst gaat voor mij leven, ik voel het verhaal en uiteindelijk ook de kadans van de zwoegende fietser. Van achterop zijn fiets zie ik alle clichés van het mooie Ierland: de groene heuvels, plukjes struweel, de grindwegen waarop je niet te hard naar beneden moet suizen omdat plotselinge bochten je dan kunnen nopen nader kennis te maken met de rotsachtige Ierse bodem. En de pittoreske dorpjes en grote steden, zo weggelopen uit een KRO-detective-serie.

Knap, als iemand dat kan bewerkstelligen. Het schijnt zelfs dat hij een aantal jaren geleden een album over dit onderwerp heeft gemaakt, getiteld “Acoustic  Motorbike”, alweer een briljante vondst waar overigens een mede-muziekliefhebber mij op attendeerde.

Geïnspireerd door al die schone fietsperikelen besloot ik de stoute schoenen weer eens aan te doen en mezelf te trakteren op een tocht van Monnickendam naar Haarle, een dorpje vlakbij Raalte in Twente. Iets meer dan 130 kilometer, waar velen hun voet niet voor zullen omdraaien, maar met een langste afstand van hooguit 20 km in de benen gedurende het laatste half jaar kan ik u melden dat het bepaald geen sinecure is.

Het is een mooie route, dat wil zeggen: met name het tweede deel. Het eerste stuk gaat achtereenvolgens door Waterland, wat ook erg aardig is, maar vervolgens gaat het door Amsterdam richting Muiden en vanaf daar door het Gooi, waar de ooit aardige dorpjes door mensen met teveel geld en te weinig smaak aan elkaar zijn gebreid tot één metropool van architectonische protserigheid. Verder ging het, langs de randmeren van Flevoland, de Veluwe op en de bossen door om uiteindelijk uit te komen in het Twentse land. Tja…Flevoland…aan die provincie zie ik eigenlijk maar één voordeel. Buiten de grotere plaatsen, die met een hoop forensensteden in Noord-Holland gemeen hebben dat ik er niet dood gevonden zou willen worden, is het namelijk een erg ruime provincie, waar veel wind staat en waar dus veel ruimte is voor het neerzetten van windmolens.

Inmiddels zijn veel mensen het eens over het nut van deze apparaten. Toch las ik laatst nog een vrij lang stuk in een vrij serieuze krant waarin iemand uitvoerig uit de doeken deed wat het grote nadeel was. Ik zal u de details besparen, maar het kwam er op neer dat een windmolen slechts in 50 jaar terugverdiend kon worden, waardoor het beter was je geld op een spaarrekening te zetten.
Zonde van de bladvulling, vond ik. Mensen schijnen alles in geld te willen uitdrukken, maar ik moet de eerste nog meemaken die rijk het hiernamaals in gaat.

Waarmee Armand, de stug volhoudende troubadour, toch gelijk blijkt te hebben met zijn smalende woorden:
“Ben ik te min omdat je ouders meer poen hebben dan de mijne?”


Geen opmerkingen:

Een reactie posten