Bijna aan het eind van een lange festivaldag stond ze
daar. Iemand die ik enige jaren geleden nog hoog bejaard zou noemen. Dat is
tenminste de term waarmee ik mijn vader om zijn oren sloeg in de week dat hij
tachtig werd.
Vroeger hadden dames van die leeftijd steevast “een watergolf
permanent” en een net te wijde bloemetjesrok, liefst in neutrale kleuren. Deze
was echter gekleed op een wijze die een kleine 10 jaar van haar leeftijd afsnoepte,
hoewel haar rimpels haar verraadden.
Sowieso verwarde ze mij, in haar hand hield ze een klein
bosje madeliefjes, “meizoentjes” zoals ze zelf zei, en met haar andere hand
bladerde ze door het bakje Hank Williams.
Deze country-legende ontviel ons reeds op Nieuwjaarsdag
1953, rekenend was mevrouw toen ongeveer 15 a 16 jaar. Het zou toch niet? En
hoe dan? Welke zender had ze beluisterd terwijl de rest van Nederland nog
vastgeroest zat aan de Familie Doorsnee?
Of…had ze gewoon geen idee waar ze naar keek?
Ze haalde me al snel uit de droom door de bakken verder
te bekijken en te zeggen: “Ach ja, die Merle Haggard, dat was best een boefje
he?” Ik beaamde dat, deels omdat ik klanten vaak muzikaal gelijk geef en deels
omdat ik ’s mans verrichtingen op Wikipedia had nagelezen waarna veel zogenaamde
gangsta-rappers in mijn ogen inmiddels gedegradeerd waren tot onschuldige koorknaapjes.
“U bent duidelijk een veelzijdig country-liefhebber”,
riposteerde ik. Ze keek me aan, zette haar bril recht en ging wat rechter op
staan. “Zeer zeker. Het concert dat ik net bijwoonde was zeer de moeite waard,”
en ze overhandigde me een flyertje van Dick van Altena. “Heb je het niet gehoord
dan?”
Ik moest toegeven dat het letterlijk langs me heen was
gegaan doordat aan de andere zijde van het terrein een coverband aardige
pogingen deed het geluid van tiener-folk-rockertjes Mumford and Sons te
imiteren, iets wat ze trouwens redelijk af ging.
“Jammer, als je gelegenheid hebt moet je hem zeker een
keer live zien. Zeer de moeite waard. Hij heeft in totaal 1535 nummers
geschreven, zowel in het Nederlands als in het Engels waaronder nummers voor
Henk Wijngaard en Ben Steneker.” Laatstgenoemde wordt, weet ik, beschouwd als
de fine-fleur van de Nederlandse country-muziek. De inmiddels 86-jarige zanger
is mij echter vaak wat te glad qua repertoire. Uiteraard hield ik deze mening
voor me, de klant heeft muzikaal meestal gelijk, zoals ik al zei.
“Ik heb al een keer of zes een handtekening van hem. Maar
niet alleen van hem hoor. Ik heb handtekeningen van vrijwel iedereen die er in
1966 muzikaal toe deed. Merle Haggard, Bobby Bare, Willie Nelson, Kenny Rogers….”
Naar ik begreep was wat haar betreft muzikaliteit vooral
inherent aan goede country-muziek. Zolang het maar recht uit het hart kwam, zo
was haar verklaring.
“En ik ben fanatiek hoor, als het moet wacht ik 1 a 2 uur
voor ik iemand spreek!”
Ze was enkele jaren terug naar een concert van Kris
Kristofferson geweest in Groningen waar ze na afloop niet tot de oude man werd
toegelaten door de bewaking. Ze schoot echter een roadie aan die bij de zanger
ging informeren of hij toch niet even…. Ja, dat kon wel, maar het ging even
duren want hij moest even tot rust komen. Of dat niet vervelend was in verband
met de thuisreis? Ze had geantwoord: “Mijn trein komt morgenochtend om 6 uur
pas dus ik heb wel even….” Waarna de oude Kris tevoorschijn kwam, onder de indruk
van zoveel vasthoudendheid. Ze werd beloond met een kort gesprek met de
schrijver van “Me and Bobby McGee” en uiteraard een foto samen, met
handtekening.
“En zo zie je maar, als je tot die jongens doordringt,
zijn het heel gewone jongens met een hart voor mensen. Zelfs Bruce Springsteen,
die haalde me ooit op het podium om me te vragen wat ik van het concert vond,
ik deed hem aan zijn moeder denken.”
Ze wenste me goedendag, bezwoer me nogmaals zeker eens
een concert van Dick van Altena bij te gaan wonen en verdween terug in haar
leven van alledag, meizoentjes in de hand. Uiteindelijk geen klant maar wel
muziekliefhebber met heel haar hart.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten